Bijzondere bruiloften

Vier weken geleden waren wij uitgenodigd op een bijzondere bruiloft. Een bruiloft midden in de natuur. Bij Lunsentorpet (huisje in Lunsen), waar ik al eerder over schreef. Zweedse vrienden van ons waren geïnspireerd geraakt door de verhalen van een stel dat bijna vier jaar geleden in hetzelfde bos getrouwd is. Dat stel, dat waren wij.

Ter informatie: Lunsentorpet is een huisje midden in ‘ons’ bos, het bos dat 100 meter van ons huis vandaan begint. Het huisje, 7 kilometer het bos in, heeft 6 bedden en een houtoven en -fornuis. Er is een primitief toilet en er is een hok vol met brandhout. Je kunt er op de bonnefooi overnachten. Het huisje ligt aan een grasveld met houten banken en barbecue-plaatsen. Er is een ouderwetse pomp voor heerlijk grondwater. Het is een fantastische plek.

Toen de Technicus mij vijf jaar geleden, na een fietstocht van 1300 kilometer, op een eilandje voor de kust bij Bergen, ten huwelijk vroeg, wisten we meteen dat we geen klassieke bruiloft wilden. Wat we wel wilden, werd in de maanden daarna vormgegeven. We wilden dátgene doen, dat we het leukste vonden: in de natuur vertoeven. Zodoende trouwden we bij Stordammen (een kilometer het bos in) en wandelden daarna met onze 25 Nederlandse gasten naar Lunsentorpet (nog 6 km verder). Daar kampeerden we twee nachten. We stookten kampvuur, barbecueden, deden spelletjes en hadden de meest relaxte bruiloft die wij ons voor konden stellen.

Een fotoselectie:Bruiloft 1

Onze Zweedse vrienden, K & I, die we sinds een jaar kennen, wilden ook bij Lunsentorpet trouwen. Maar dan ook écht bij Lunsentorpet. De bruiloft was heel bijzonder. Op de heenweg kwamen we de priester tegen. De houten banken waren neergezet alsof het een kerk was. Er was een altaar gemaakt van boomstammetjes. Er was muziek en een dansvloer: met blote voeten op het gras. Het was een bruiloft met alles erop en eraan. En dat in het bos.

Overal was over nagedacht. Het bier lag handig koud in de beek die over het terrein stroomt. Iedere gast kreeg bij aankomst een plastic beker waar je je naam op moest schrijven, om de hoeveelheid afval te verminderen. Er stonden bakjes dennennaalden klaar om over het bruidspaar heen te gooien, in plaats van rijst. En het overheerlijke en overvloedige koude buffet was compleet met variaties voor vegetariërs, veganisten, lactose- en glutenintoleranten.

Ongeveer 25 van de 75 gasten bleven in en rond Lunsentorpet overnachten. Wij ook. Bij gebrek aan tent waar we met z’n vieren in konden (we hadden alleen twee kleine tenten), en vanwege goed weer, sliepen we onder enkel een klamboe.

De hele bruiloft was een bijzondere ervaring en we zijn erg blij dat we erbij mochten zijn!

Nog een fotoselectie: Bruiloft 2

Advertenties

BZC en diarree

Zul je net zien. Vertelde ik vorige week over het minimale aantal poepluiers van Pluk, krijgt ze prompt diarree. En niet zo’n beetje ook. Dus produceerde ze in één week meer poepluiers dan in de negen maanden daarvoor. We zijn zelfs tijdelijk van stoffen luiers overgestapt op wegwerpers. Stoffen luiers absorberen namelijk iets minder snel, waardoor je met diarree een aanzienlijke kans loopt om meer dan alleen de luier te moeten wassen.

Toch is ook nu de BZC erg handig. Als we thuis zijn en haar snel op de wc kunnen zetten (zo’n vijf keer per dag), verdwijnt het meeste in de pot. Het scheelt schoonmaken, het scheelt rode billen. Niet onbelangrijk met een toch al koortsige en hangerige Pluk.

Gisterochtend zag ik een paar bobbels in haar bovenkaak en vandaag een wit puntje. Ik weet dat is aangetoond dat er geen verband is tussen tanden krijgen en ziek zijn, en Ik hoop dat Pluk snel weer de oude is. Met vrolijk gekleurde stoffen luiers om!

Op het potje

– Pluk plast en poept regelmatig op het potje.
– Je bedoelt Jip?
– Nee, Pluk.
– Maar die is twee weken?!
– Ja, we zijn begonnen met baby-zindelijkheidscommunicatie. Daarbij leer je de signalen die je baby geeft te herkennen. Echt heel leuk!
– …

Een aantal maanden geleden kwamen we voor het eerst in aanraking met baby-zindelijkheidscommunicatie (bzc). Vorige week kocht ik op marktplaats het boek ‘Je baby op het potje‘ van Laurie Boucke, dat mijn ouders meebrachten. Ik begon het zondagochtend te lezen.

Bzc gaat er vanuit dat baby’s zich al vanaf hun geboorte bewust zijn dat ze moeten poepen of plassen. Ze willen hun behoefte eigenlijk niet in een luier doen en geven vaak heel duidelijke signalen. In de westerse wereld zijn we ‘vergeten’ hoe we naar deze signalen moeten luisteren, maar in veel andere culturen is dit de normaalste zaak van de wereld en worden baby’s op een natuurlijke manier zindelijk zonder dat daar luiers aan te pas komen.

Pluk lijkt nogal last te hebben van darmkrampjes. Ze begint dan te kreunen, te kronkelen en daarna zelfs te huilen. Dat duurt dan een paar minuten tot een half uur en eindigt met een vieze luier. Terwijl ik zat te lezen over hoe je bij bzc de signalen van je baby kunt herkennen, vroeg ik me af of ik Pluk’s ‘darmkrampjes’ niet verwarde met haar manier van communiceren. Op dat moment begon ze te kreunen. Ik nam haar mee naar de badkamer en hield haar in zittende houding boven de wastafel. Pluk ontspande en poepte, zonder dat daar gehuil aan vooraf ging. Ik wist niet wat ik zag: m’n kind van twee weken oud probeerde iets aan mij duidelijk te maken en ik had haar begrepen!

De afgelopen twee dagen heeft Pluk alleen nog maar ‘op het potje’ gepoept. En we hebben ongeveer de helft van de plasjes op kunnen vangen. Onze communicatie gaat nog niet perfect, en niet alle ‘darmkrampjes’ zijn over, maar het werkt! Wij gaan door met bzc en ik zal er zeker nog meer over schrijven.

Operatie moestuin

In onze poging om eenvoudig, zuinig en milieuvriendelijk te leven, ontbrak het tot voor kort nog aan een groentetuin. Daarom zijn we vorig jaar gaan informeren wat een tuin hier vlakbij moet kosten. Het antwoord was 225 kronen (ongeveer 25 euro) per jaar, voor een stuk van 60 vierkante meter! Daar hoefden we geen twee keer over na te denken. We kozen uit de tuinen die vrij stonden eentje aan de rand, zodat we er makkelijk met wandelwagen naar toe zouden kunnen, en zodat Jip wat ruimte had om rond te lopen.

Het was het einde van het seizoen, dus we hebben de wildernis die 7 jaar niet gebruikt was, omgespit en de wortels zo veel mogelijk dood laten vriezen. Dit jaar begon met grondiger omspitten en wortels uit de aarde vissen. Dat was een heel karwei, dat de Technicus op zich heeft genomen. Hij houdt wel van die beweging. Verder spraken we af dat de tuin vooral een project zou zijn voor de lol. Hij We zouden niet proberen om zo veel mogelijk te oogsten, maar vooral om ervan te leren. Zo’n instelling is erg nuttig voor een stel perfectionisten als wij. :-)

Inmiddels is de tuin een heerlijke plek geworden, waar we graag en regelmatig naartoe gaan. Jip vindt het fantastisch (het gebaar voor tuin was dan ook snel geleerd), plukt er vooral bessen en frambozen en zit onder de modder als we weer naar huis gaan. De Technicus doet het meeste onderhoud – spitten, onkruid wieden, water geven – en ik houd vooral van oogsten en de oogst verwerken. Dit jaar hebben we courgette, pompoen, aardappels, koolrabi, bieten, pastinaak, boerenkool, peultjes, bessen, aardpeer en komkommer. Op het balkon kweken we kerstomaatjes, rucola, snijsla en spinazie. We zijn erg tevreden over de zaden (peultjes en boerenkool) van Vreekes Zaden. Afgelopen week hebben we een heleboel aarbeienplanten gekregen van Janneke. Vanmiddag zag Jip daar al twee rijpe aardbeien aan zitten, heerlijk!

We hebben ook al een hoop geleerd, het meeste van andere tuinders die al jaren actief zijn. Zo hebben we geleerd hoe je aardappels in de hoogte kunt laten groeien. Zij schreef er al over: je gooit er elke keer een schep aarde bij en de planten groeien maar door. Niet alleen handig bij gebrek aan ruimte, maar ook krijgen de aardappels warmte van opzij, waardoor ze sneller groeien. Het schijnt dat je op deze manier 100 kilo van een vierkante meter kunt halen. We zijn benieuwd! Ook hebben we geleerd over het bevruchten van courgette en pompoen. Er komen namelijk mannetjes-bloemen op steeltjes aan, en vrouwtjes-bloemen met een vrucht. Je neemt dan een mannetje, maakt de vrouwtjes iets verder open en stipt ze aan. Als de vrouwtjes niet bevrucht worden, sterven de vruchten af als ze nog heel klein zijn. Het lijkt te werken – we hebben meer courgette dan we op kunnen. We hebben ook nog een hoop andere dingen geleerd, bijvoorbeeld dat koolrabi knollen op steeltjes vormt, dat pompoen alle kanten op kruipt, en dat je van bessenstruiken de takken naar de grond toe kunt buigen om nieuwe struiken te krijgen. Langzaamaan worden we steeds iets minder leken op tuiniergebied.

Tweedehands kleding

Drie redenen waarom wij tweedehands kinderkleding kopen:

  1. Goed voor de portemonnee
    Een romper of T-shirt van een degelijk merk kost nieuw al snel 200 kronen (20 euro). Tweedehands kun je hetzelfde merk voor 10-30 kronen krijgen. Jassen, windstopper fleeces en overalls zijn meestal voor een derde van de nieuwprijs te koop.
  2. Goed voor het milieu
    De meeste kleren – vooral voor kleine kinderen – verslijten nauwelijks. Fijn als ze nog een keer gebruikt kunnen worden.
  3. Geen onaangename verrassingen na het wassen
    Je weet precies wat je krijgt. Bij nieuwe kleding is het altijd maar afwachten of de kleuren mooi blijven, de print heel, de fleece niet gaat pillen, de stof niet scheef trekt…

Laatst had Jip nieuwe sokken nodig, die ik tweedehands niet kon vinden. Stiekem om mezelf lachend vroeg ik aan vrienden waar zij kinderkleding kochten. Ik wist het echt niet!