Ruilen?

Jip en Pluk hebben steeds vaker samen gesprekken en discussies. Ik luister graag stiekem mee. Laatst ving ik een gesprek op dat ging over twee stukken speelgoed.

Jip: Pluk, wil je met mij ruilen?
Pluk: Nee, dat wil ik niet.
Jip: Waaróm wil je dat niet?
Pluk: Want dan ben ik vier jaar.

Het zal je maar gebeuren, zomaar twee jaar van je leven kwijt zijn…

Analyseren

Jip analyseert de wereld. Hij onderzoekt en vraagt. Hij wil weten hoe dingen in elkaar zitten en waarvan ze gemaakt zijn. Hij vraagt naar het waarom en legt verbanden. Twee voorbeelden.

Jip is gefascineerd geraakt door de ruimte en alles wat daarmee te maken heeft. Laatst beredeneerde hij dat als het hier dag is, het aan de andere kant van de aarde nacht moet zijn. Een week later was hij blij verrast toen hij ontdekte dat we in Zweden dezelfde ruimte zien als in Nederland. En vanmorgen tijdens het ontbijt:
Jip: Papa, dit huis is van onderen een beetje rond.
De Technicus: O, hoezo?
Jip: Jaha, want de aarde is rond.

Ook heeft Jip al heel lang een sterke interesse voor de natuur. Vanmiddag tijdens de lunch:
Jip: Papa, mensen hebben een harde binnenkant en insecten een harde buitenkant. (Dit heeft hij ooit een keer opgestoken.) Waarom is dat zo?
De Technicus: Dat weet ik niet. Er zijn heel veel verschillende soorten dieren.
Jip: Andersom kan niet. Als mensen een harde buitenkant hadden en insecten een zachte, en als ze ons dan zouden prikken, dan zou hun snaveltje breken.

Tja, dat zou toch wat zijn…

Verschillen

Onze Pluk heeft een paar kiezen die grijs zijn en daar willen we naar laten kijken. Vandaag is de afspraak bij de tandarts. De Technicus zit met de kinderen aan het ontbijt en vertelt over de afspraak en het waarom.

Jip: Dat is normaal.
De Technicus: Maar jouw kiezen zijn wel wit.
Jip: Iedereen is anders.
T.: Waar heb je dat geleerd?
Jip: Nou gewoon, iedereen is anders. Ik ben anders, jij bent anders, mama is anders en Pluk is anders. Bijvoorbeeld, ik vind iets lekker, maar Pluk niet. En andere mensen vinden andere dingen weer lekker.

De schat.

Band

Jip begon te wennen op de kleuterschool, waarbij vader of moeder aanwezig is, en de ander voor Pluk zorgt. De Technicus lag vervolgens een paar dagen plat met griep en we hebben geen oppas in de buurt. Dat betekende dat ik me in bochten wrong voor kinderzorg, werk in de avonduren, en een weekend vol activiteiten met en voor de kinderen. Ik ben de laatste dagen ontzettend dankbaar voor een gezond lijf met een paar stevige benen eronder en een optimistisch hoofd er bovenop.

Te midden van alle drukte gebeurde er iets moois. Door alle extra tijd die ik met Jip doorbracht, kwamen we dichter bij elkaar. Met Pluk bracht ik natuurlijk ook meer tijd door, maar dat verschil merkte ik niet zo sterk. Pluk mist mij als ik veel werk, maar de band is binnen drie minuten weer aangetrokken. Jip heeft daar meer tijd voor nodig. Na drie dagen intensief in elkaars gezelschap geweest te zijn, begint hij me weer spontaan te omhelzen. Wat heb ik dat gemist!

Talen

Komende dinsdag gaat Jip beginnen op een Zweedse kleuterschool. Hij heeft er zin in en wilde ter voorbereiding Zweeds leren. Een paar weken geleden gaven we hem het computerprogramma Rosetta Stone, zeiden veel plezier ermee en Jip ging aan de slag. Hij vond het prachtig en vroeg regelmatig of hij nog een keer dat spelletje mocht spelen, om Zweeds te leren.

Het is mooi om te zien hoe Jip leert en zijn best doet. Hij leert Zweeds op de computer en Engels door een paar kinderprogramma’s. Hij vraagt regelmatig welke taal een bepaald woord is, en wat dan de vertaling is in een andere taal. Terwijl hij andere talen leert, doet hij nóg iets harder zijn best om het Nederlands goed uit te spreken. Hij herhaalt bewust woorden om te oefenen en om het beter te onthouden, mama! Wat ik erg grappig vind, is dat hij zijn eigen taal maakt: Nederlands met andere, Zweeds-klinkende klinkers.

Pluk doet natuurlijk ook mee: Four twee ett tre åtta nio ten!

Werkende moeder

Ik ben een werkende moeder. Met een thuisblijfman. Dat gelukkig wel. En hoewel ik geen vreselijk lange dagen maak, ben ik toch veel weg. Ik mis de kinderen en de kinderen missen mij. In het weekend breng ik zoveel mogelijk tijd met ze door. Jip zegt dan vaak automatisch papa tegen mij. Pluk zegt ook geen mama meer, maar noemt me bij m’n voornaam. Alsof ik een kennis ben. Tsss.

Op werkdagen skypen we meestal wel één keer per dag. Dan krijg ik standaard de vraag van Pluk: Kom je al thuis? Dan ga ik jou nuffelen! Jip heeft een andere oplossing bedacht: een afstandsbediening voor mijn fiets. En als ik dan op het knopje druk, dan kom jij meteen naar huis racen!

Tijd voor vakantie!