Vier!

Jip is dol op bananenchips. Drie kwartier voor het avondeten wil hij er nog een paar.

Ik: Je mag er nog vier.
Jip: Vijf!
Ik: Nee, vier.
Jip: Vijf!
*Jip pakt een hand vol bananenchips.*
Ik: Hoeveel bananenchips heb je?
Jip telt: Eén twee drie vier vijf zes zeven acht!
Ik: Doe er maar een paar terug dan.
*Jip doet twee bananenchips terug in de pot.*
Ik: Hoeveel heb je er nu nog?
Jip telt: Vier vier vier vier vier VIER!

Het Grote-Stenen Principe

Kun je uitleggen waarom jullie de kinderen niet zo vaak prijzen? vroeg een vriendin me laatst. Ik was aangenaam verrast door de vraag en de oprechte interesse in onze ideeën. Ik vond het lastig en tegelijkertijd leuk om onder woorden te brengen wat vooral een gevoel is.

In onze ogen is de maatschappij waarin we leven te prestatiegericht. Er wordt van alles (onnodig) gemeten en beoordeeld, en er is te weinig aandacht voor gevoelens en ervaringen, en het delen daarvan. Toen ik moeder was geworden, werd ik me ervan bewust dat ik een andere balans* wilde. Niet alleen in het ouderschap, maar in mijn hele leven. De omgang met onze kinderen weerspiegelt immers wie wij zijn.

Onze kinderen zijn nieuwsgierig, leergierig en gedreven geboren. Niet prestatiegericht. Ik geloof dat kinderen mensen van nature leren en zich ontwikkelen, ook zonder straffen, belonen of prijzen. Sterker nog, ik geloof dat mensen zich beter kunnen ontwikkelen en gelukkiger kunnen worden zónder manipulatie van buitenaf. Als een kind bijvoorbeeld leert lopen, wordt het vaak van alle kanten geprezen voor zijn stapjes. Dat is in mijn ogen onnodig voor het leerproces, schadelijk voor het gevoel van eigenwaarde, en zonde van een gemiste kans op het gebied van gevoelens, ervaringen en contact tussen ouder en kind.

Maar als we niet (veel) willen prijzen, wat doen we dan wel? Ik gaf het eerder al een beetje aan: we richten ons op gevoelens en ervaringen. Ik zal een voorbeeld geven. Stel, je kleuter heeft een tekening voor je gemaakt en komt die enthousiast laten zien. Instinctief zullen de meeste mensen willen reageren met iets in de trant van: O, wat een mooie tekening! De intentie van het kind is echter niet om iets moois te maken, of knap gevonden te worden. Het kind wil contact. En om dat te bereiken, proberen wij ons te richten op gevoelens en ervaringen. We zeggen bijvoorbeeld: O, wat lief van je! Daar ben ik blij mee! En we vragen of zeggen iets over de tekening zelf. Vragen wat het is, waarom hij juist dát getekend heeft, iets zeggen over de gebruikte kleuren. Er zijn talloze mogelijkheden. Ik merk dat ik zelf steeds makkelijker alternatieven zie, nu ik een poos geoefend heb. :-)

Lars H. Gustafsson schrijft in zijn boek Växa – inte lyda (Groeien – niet gehoorzamen) over wat hij het Grote-Stenen Principe noemt. Hier in Zweden liggen overal grote stenen (rotsen) waar de kinderen op klimmen en klauteren. Lars Gustafsson beschrijft een kind dat op een grote steen is geklommen en roept naar vader of moeder: kijk eens! Volgens Gustafsson zijn er drie soorten reacties van ouders:

  1. Ongerustheid uiten
  2. Prijzen
  3. Het Grote-Stenen Principe

De eerste, het uiten van ongerustheid, wil ik alleen als de situatie echt onveilig is. Ik probeer het zoveel mogelijk voor mezelf te houden. O, wat vind ik dat soms moeilijk! De tweede, wat knap dat je helemaal zelf op die steen bent geklommen!, komt misschien wel het meeste voor, maar is vaak helemaal niet waar het kind mee bezig is. Het kind wil contact. Het wil gezien worden, en zegt dat ook letterlijk: Kijk eens! Door de nadruk te leggen op de prestatie van het kind, geef je de boodschap dat je iets moet presteren om gezien te worden.

De derde categorie reacties gaat uit van de belevingswereld van het kind en je daarin verplaatsen. Het kind wil dat je kijkt. En dus kijk je en zwaai je. Of je vraagt of hij een mooi uitzicht heeft daarboven. Of je vraagt of hij de wind in zijn haren voelt. Of wat je dan ook te binnen schiet als je naar je kind kijkt.

Het Grote-Stenen Principe. Ik vind het een mooi uitgangspunt. Ik heb al een hoop over mijn kinderen geleerd door ze te observeren. Ik word gelukkig door het contact. En door minder naar prestaties te kijken, leer ik zelf ook steeds beter om niet te dóen, maar gewoon te zíjn.

* Ik schrijf bewust een andere balans, omdat ik prestatiegerichtheid niet per se verkeerd vind, maar wel te overheersend.

Pluks gebaren update

In mijn vorige stuk over babygebaren ben ik twee dingen vergeten te vermelden. Janneke wees me al op het eerste: dat Pluk praat bij de gebaren. Bij driekwart van de gebaren die ze maakt, zegt ze tegelijkertijd het woord. Zo zegt ze ki voor nog een keer, en josh of jog terwijl ze yoghurt gebaart. Of ka als ze klaar is. Hetzelfde zegt ze voor kaas, maar dat is weer een heel ander gebaar, dus dat is makkelijk voor ons. Ze is, zoals Janneke ook schreef, heel sociaal. Ze communiceert gretig op elke mogelijke manier. Wij vinden het erg mooi om haar zo beter te leren kennen.

Het tweede vergetene heeft te maken met de Baby Zindelijkheids Communicatie die wij toepassen. Pluk gebaart vaak als ze aan het poepen of plassen is. Helaas nog niet van tevoren – daar wordt aan gewerkt ;-) We vinden het heel mooi hoe dat gaat. Een tijd geleden namen wij nog de meeste ‘leiding’ in de BZC, maar langzaamaan neemt Pluk de regie over.

Babygebaren 2.0

Net als destijds met Jip, zijn we nu ook met Pluk heerlijk aan het gebaren. Het begin was weer even lastig; we moesten onszelf eraan herinneren om de gebaren te maken. Maar toen Pluk net 9 maanden was, maakte ze haar eerste gebaar. En dan word je als ouder vanzelf enthousiast. :-) Een tijdje bleef het bij drie gebaren: meer, spelen en klaar. Grappig, want met Jip hebben we een soortgelijke ‘gebarenpauze’ gehad. Een maand geleden begon ze opeens meer gebaren te maken, en nu maakt ze er al bijna 20!

De dag begint meestal met het gebaar voor kaas – haar lievelingsvoer. Dat gebaart ze – niet overdreven – vaak nog voor ze haar bed uit is. Door de dag heen komen de gebaren voor klaar, meer, op, eten en drinken veelvuldig voorbij. Verder vindt ze het erg leuk om met de lamp te spelen, vooral de lamp met de dimmer. Muziek is nog een favoriet. En met een zingende Jip in huis, kan ze dat gebaar ook veel maken. Daarbij doet ze alle gebaren van het liedje Imse vimse spindel / Hansje pansje kevertje vrolijk mee, iedere keer dat Jip het zingt.

Jips eerste gebaar was boeklezen was zijn absoluut favoriete bezigheid. Tot voor kort kon Pluk niet stilzitten en waren boeken niet aan haar besteed. Maar opeens is ook zij verliefd geworden en duwt de ganse dag boeken onder onze neus. Als ze alleen al het woord boek hoort, vouwt ze enthousiast haar handen open en dicht.

Het allermooiste van babygebaren vind ik, net als destijds bij Jip, het geluk op Pluks gezicht als we haar begrepen hebben. Dolblij! Ze heeft ook al weken geen driftbui meer gehad; ik heb het gevoel dat babygebaren daaraan bijdragen.

We hebben vorige week onze lijst-aan-de-muur uitgebreid naar 70 gebaren. Dat lijkt heel veel. Een richtlijn die we hanteren, is dat wij minstens twee keer zoveel gebaren willen gebruiken, dan dat Pluk doet. En dan valt 70 wel mee, zeker nu ze  bijna elke dag een nieuw gebaar leert. Bovendien kennen we de meeste gebaren nog uit de tijd dat we met Jip gebaarden, dus hoeven we niet zo veel te oefenen.

Ik ben heel benieuwd hoe Pluks gebaren zich verder gaan ontwikkelen!

Uitgeslapen

Pluk slaapt door! Ik bedoel: ze wordt, sinds afgelopen maandag, meestal nog maar één keer per nacht wakker, en dat dan meestal aan het begin of eind van de nacht, waardoor ik bijna altijd een uur of 6 achter elkaar kan slapen. Halleluja! Wat heerlijk! De hele wereld ziet er opeens weer gekleurder uit! Nu ik me uitgeslapen voel, ben ik eigenlijk best een lief en leuk en gezellig mens. Vinden mijn huisgenoten. :-)

Ik begin me spontaan af te vragen of er een derde baby mag komen. Alsof ik alle slaapgebrek in één klap ben vergeten. Ik lijk niet goed bij m’n hoofd.

Op z’n stoel

Jip zingt. De hele dag door. Wij vinden het fantastisch. Jip is was nogal gevoelig voor geluid, en tot een maand geleden was zelfs het geluid van zijn eigen gezang hem teveel. Maar nu niet meer. Niet meer sinds we gebruik maken van een verzwaringsdeken;  daarover schrijf ik een andere keer meer.

Jip zingt dus. Zijn favoriete liedje op dit moment is Imse Vimse spindel, de Zweedse ‘Hansje pansje kevertje’. Het liedje gaat als volgt (met bijna letterlijke vertaling):

Imse Vimse spindel klättrar upp för trå´n. (Imse Vimse spin klimt omhoog in de draad)
Ner faller regnet spolar spindeln bort (Neer valt de regen spoelt de spin weg)
Upp stiger solen torkar bort allt regn. (Op stijgt de zon droogt weg alle regen)
Imse Vimse spindel klättrar upp igen (Imse Vimse spin klimt weer omhoog)

Jip zingt zijn eigen versie: Imse Vimse spindel klättrar op z’n stoel.

Update: Een week later zingt Jip zijn eigen Nederlandse versie: Hansje hansje kevertje die maakte alles droog.

Anatomie

Jip is zijn lichaam aan het ontdekken. En die van ons. Hij kende al vroeg alle lichaamsdelen bij naam. Toen hij net twee was, was hij een keer proefkonijn bij het ‘Babylab’. Iets met cognitieve ontwikkeling van tweejarigen. De vrouw begon met Jip vragen waar zijn neus zat. Jip vond het meteen een stom onderzoek en wilde niet meer meewerken. Tja, als die vrouw nou gevraagd had waar z’n achillespezen of z’n wimpers zaten, dan had ze nog een kans gehad. ;-)

Maar goed, Jip is dus aan het ontdekken. Zo was hij laatst erg geïnteresseerd in de rimpeltjes bij onze vingerkootjes. En nu heeft hij zijn aderen ontdekt. Trots laat hij aan iedereen zijn buik zien, waar een duidelijke ader doorschijnt. Vervolgens wil hij natuurlijk van iedereen de aderen zien.

Vandaag was hij wel heel erg in de ban van de aderen. Hij ontdekte ‘dat rode onder mijn ogen‘ en vroeg ons of wij dat ook hadden. Dus zat de hele familie z’n ooghuid (is dat een woord?) naar beneden te trekken. Toen bedacht de Technicus dat je met een lampje door de huid van je oor kunt schijnen. Tot Jips grote vreugde waren er heel mooi kleine adertjes te zien. En alle huisgenoten werden weer onderzocht. Tot slot ontdekte Jip (door een aanwijzing van de Technicus) grote aders aan de onderkant van zijn tong. Ik vind het fijn dat er aderen in mijn lijf zitten, zei hij vanavond. :-)

Wat is het leven mooi als je mag ontdekken door de ogen van een kind!

PS: Jip vindt het prachtig om zijn lessen in anatomie te krijgen aan de hand van Zygote Body. Die link wilde ik jullie niet onthouden.