Natuurkundeles

Na het avondeten stond ik nog even af te wassen. We hebben sinds vorig jaar een vaatwasser – een tafelmodel, de beste aankoop ooit! – maar pannen en houten spatels wassen we met de hand af. Jip wilde helpen. ‘Is goed,’ zei ik en gaf hem een theedoek. Een paar minuten ging het heel effectief, hij droogde echt af. Toen begon hij spullen terug te gooien in de afwasteil, om vervolgens geconcentreerd in de bak te turen. Ik weerstond de neiging om het te verbieden en vroeg ‘vind je het interessant om te zien wat er gebeurt?‘ Ja, dat vond hij. Ik noemde de begrippen zinken en drijven, waarop het ene voorwerp na het andere in de afwasteil verdween, gevolgd door een enthousiast ‘die zinkt!‘ of ‘die drijft!

En zo kreeg Jip zijn eerste natuurkundeles.

Advertenties

Goede oplossing?

Jip vindt het heerlijk om op het balkon te spelen. Met stoepkrijt z’n eigen voeten omcirkelen zodat hij een ‘huisje’ heeft. Met de tuinslang zorgvuldig elke vierkante centimeter van het beton nat maken. En met z’n nieuwe bellenblaas!

Nu vraagt Jip zich ook vaak dingen af en probeert daar dan meteen zelf het antwoord op te vinden. Met name als het over vloeistoffen gaat. Bijvoorbeeld wat er gebeurt als je yoghurt in je slab giet. Of water over je boterham. Of een heel potje verf over je tekening. We zagen ons door dergelijke experimenten al zes keer opnieuw zeepsop voor de bellenblaas maken…

Dus pakte de Technicus een tie wrap en tie wrapte het potje bellenblaas aan de reling vast. ‘Goede oplossing!‘ riep Jip meteen. Vervolgens bedacht hij een ander experiment. En nu weten we dat een stoepkrijtje precies in het potje bellenblaas past. De zeep past dan overigens niet meer.

Goede oplossing

Zwaargewicht

Pluk is ruim 3 maanden en 7,5 kilo. Ik heb de statistieken erbij gehaald en kan nu met zekerheid zeggen: dat is zwaar. Het betekent dat van de meisjes van haar leeftijd ongeveer een procent (1%) zwaarder is dan Pluk. De gemiddelde baby van 7,5 kilo is ruim 6 maanden oud. Ze krijgt enkel en alleen borstvoeding. En nee, ze is niet bijzonder dik, ze is gewoon… tja… groot.

Wij kiezen ervoor om onze kinderen zoveel mogelijk te dragen en lichamelijk contact te behouden, totdat ze zelf kunnen kruipen en kunnen besluiten om bij de volwassene vandaan te gaan en weer terug te komen. Dat mag je overdreven vinden, maar daar gaat het niet om. Pluk lijkt zich er in ieder geval erg goed bij te voelen. En wij ook.

Afijn. Punt is, dat Pluk zwaar is en ik geen bodybuilder ben. Tot ze 3 maanden was, ging het nog wel. Ze zat voornamelijk in de draagdoek. Maar als een gemiddelde baby 7,5 kilo is en 6 maanden, dan heb je ten eerste meer tijd gehad om aan het gewicht te wennen, en ten tweede is het veel makkelijker om een kind van 6 maanden te dragen. Die kan op je heup zitten; Pluk moet ik nog veel meer ondersteunen. De draagdoek gebruik ik nog steeds veel, maar ik houd het niet meer de hele dag vol. Ik heb al geprobeerd om Pluk op m’n rug te dragen, maar dat wil ze absoluut niet. (Misschien ben ik nog te onzeker met die houding – we blijven proberen.) In plaats daarvan zit ze op schoot of in het wipstoeltje. Met als gevolg dat ik haar veel vaker even kort draag en niet ‘helemaal’ in de draagdoek wil stoppen. En hoe doe je dat, zonder last te krijgen van rug, schouders, armen en allerlei spieren waarvan ik niet eens wist dat ik ze had?

Een luxeprobleem misschien. Tips zijn in ieder geval van harte welkom.

Uitvinding van het wiel

We zijn onderweg van de tuin naar huis. Jip zit in de wandelwagen en heeft net een rijstwafel gekregen.

Die is rond. (Jip wijst naar zijn rijstwafel.) Die kan draaien.
Die moet daar aan. (Wijst naar het wiel aan de wagen.)
Daar moet een gaatje in. (Wijst naar het midden van de rijstwafel.)

Ziezo, het wiel is weer uitgevonden. De mensheid kan weer even vooruit.