Musiklek

Sinds een paar weken gaan we met Jip naar muziekles. Het heet musiklek (muziekspel) en wordt georganiseerd door de kerk in onze wijk. De vrouw die het begeleidt (Annika) is fantastisch. Ze zingt en speelt gitaar. Ze gebruikt knuffels als er dieren in de liedjes of rijmpjes voorkomen. Ze deelt de meest uiteenlopende instrumenten uit aan de kinderen, die dan enthousiast meespelen. Ze laat de kinderen de teksten op verschillende manieren voelen en beleven. Wat ik erg leuk vind, is dat Annika eigenlijk niet zo mooi kan zingen, maar dat je dat niet merkt. Ze compenseert het volledig met haar enthousiasme. :-)

Jip vindt het allemaal nog een beetje spannend en kruipt meestal dicht tegen me aan. Ondertussen zit hij te glunderen en wijst alles aan dat er gebeurt. We hebben ons al opgegeven voor volgend seizoen, na de kerst. Leuk!

Advertenties

Jip leert Engels

Enigszins ziek en verkouden zat Jip heerlijk ontspannen op schoot bij de Technicus, die Top Gear zat te kijken. Verbaasd waren wij toen Jip opeens car car riep bij elke auto die voorbij kwam. En dat waren er veel :-) Een paar minuten later had hij ook nog het woord bye opgepikt. Zo leuk om te zien hoe makkelijk kinderen leren.

Olifanten en huisjes

Ze liggen alweer een tijdje in de kast, twee rompertjes in maat 68. Te wachten op een eigenaar. Een eigenaar met een trotse moeder. Ik geloof dat ik de olifanten het leukste vind.

Het patroon komt uit Ottobre 3/2010, net als het rompertje dat ik eerder maakte. Omdat de stoffen erg in de breedte rekken, heb ik het patroon iets smaller getekend. Beide stoffen komen van Strömming Design.

Best:
Dat ze zo goed gelukt zijn!

Minst:
Dat ik de kleding eigenlijk moet strijken voordat ik foto’s maak. Maar strijken doe ik alleen als het functioneel is. :-)

Waarom thuisonderwijs werkt

Eergisteren schreef Ellinor Peterson wederom een interessant stuk over het congres dat zij op dit moment bijwoont. Waarom thuisonderwijs werkt is haar verslag van een lezing door Dr. Gordon Neufeld, ontwikkelingspsycholoog uit Vancouver. Wegens grote interesse in haar vorige logje, heb ik het hele verslag vertaald (pdf). Enkele fragmenten met mijn eigen commentaar staan hieronder.

Dr. Gordon Neufeld begon met te presenteren wat het is dat we willen dat kinderen leren om volwassen, goed aangepaste burgers te worden. Vervolgens verklaarde hij waarom het gunstiger is om deze zaken te ontwikkelen in een thuismilieu, dan in een schoolmilieu.

Thuisonderwezen kinderen brengen minder tijd door met studeren, maar scoren beter op gestandaardiseerde testen. Ook zijn ze gemotiveerde leerlingen, tonen grotere rijpheid, hebben minder gedragsproblemen, zijn socialer, en hebben een hogere zelfwaarde.

Dit is een korte samenvatting van wat ik zelf de afgelopen maanden over thuisonderwijs geleerd heb. In eerste instantie misschien contra-intuïtief, maar hoe meer ik erover nadenk en de vele wetenschappelijke onderzoeken erover lees, hoe logischer ik het vind.

Er bestaan bepaalde mythen rond thuisonderwezen kinderen – dat ze sociaal onaangepast worden, dat school democratie voedt, dat cultuur wordt overgebracht door juiste exponentie, die door scholen gevormd wordt, en als kinderen omgaan met “gelijken” dan leidt dat tot socialisering.

Als men zichzelf kan zien als afzonderlijk en zelfstandig, kan men anderen ook op die manier zien. Het is niet zinvol om te benadrukken dat iedereen gelijk is, want dat zijn we niet.

Door alle kinderen van dezelfde leeftijd bij elkaar in een klas te zetten, benadruk je  gelijkheid, in plaats van verscheidenheid te leren waarderen. Ik vraag me al heel lang af wat het nut is van het kunstmatig vormen van zo’n homogene groep. Op welke manier bereidt dat kinderen voor op de rest van het leven?

Er is veel te zeggen voor thuisonderwijs of andere vormen van onderwijs dan ons klassieke model. Tegelijkertijd heerst in Europa de tendens dat overheden steeds meer beslissen over het onderwijs, en ouders steeds minder keuzevrijheid hebben. In veel landen worden de mogelijkheden tot het geven van thuisonderwijs steeds verder ingeperkt. Ik hoop van harte dat deze trend omkeert.

Enthousiasme

Gisteren las ik hier iets dat ik erg interessant vond. Aangezien het in het Zweeds is, heb ik de strekking van het logje vertaald.

Ellinor Petersen strijdt “voor vrijheid in mijn land“. Ze maakt zich politiek sterk voor bijvoorbeeld het recht om thuis te bevallen (wat in Zweden wèl is toegestaan, maar wat niet makkelijk gemaakt wordt) en het recht om thuisonderwijs te geven (wat in Zweden in enkele gevallen is toegestaan, maar in de praktijk verboden). Op dit moment neemt zij deel aan de Global Home Education Conference in Berlijn, waarvan ze enkele verslagen op haar website zet.

André Stern, spreker op de eerste dag van het congres, is nooit naar school geweest. Hij sprak over een heel andere manier van denken dan de meeste mensen gewend zijn. Hij vertelde dat enthousiasme zorgt voor groei van de hersenen – dit is inmiddels bevestigd met hersenonderzoek. Dus, als men probeert een kind te stimuleren tot iets waar het niet enthousiast over is, dan groeien de hersenen niet. En als we wel geïnteresseerd zijn, dan groeit het gedeelte van de hersenen dat die opdracht hanteert.

Enthousiasme zorgt voor competentie, competentie brengt vooruitgang, en vooruitgang leidt tot geld verdienen. Dit is omgekeerd ten opzichte van het grootste gedeelte van onze maatschappij, dat focusseert op het vinden van een baan waardoor men geld verdient, om daarna van het leven te genieten.

André Stern vertelde hoe hij z’n hele jeugd, en nog steeds, heeft mogen doen waar hij enthousiast over was. Hij vertelde hoe gelukkig hij is (geweest) gedurende de verschillende projecten die hij heeft gedaan. De boodschap is duidelijk: vertrouw erop dat kinderen iets leren op het moment dat het belangrijk voor hen is. Dat is misschien niet volgens het schema dat anderen volgen, maar dat maakt niet uit.

Het zet mij aan het denken over het schoolsysteem. Als baby en peuter volgen kinderen helemaal hun eigen leerplan. Het ene kind leert lopen met 9 maanden, het andere ‘pas’ met 18 maanden. Daarover wordt dan gezegd: ieder kind is anders. Waarom moeten kinderen zodra ze naar school gaan volgens een programma werken? Waarom moeten kinderen op een bepaald moment bepaalde dingen kunnen/weten (en andere dingen nog niet – het geldt immers twee kanten op)? Wat heeft dat voor effect op de groei van de hersenen en hoe gelukkig worden we ervan?