Gebak

Jip is dol op koken en bakken. Vanmiddag in een speeltuin/bos ging hij “koffie” voor me zetten. Emmertje, steentjes erin, dennenappels erbij, een speelgoedautootje… het werd heel bijzondere koffie. Hij bakt ook vaak cakejes, soms van klei, andere keren van gebakken lucht: oven open, vormpjes erin, oven dicht, wachten… Maar écht bakken en het resultaat opeten is natuurlijk het allerleukste! Behalve dan dat je láng moet wachten, maar daar wordt Jip steeds beter in.

Deze vakantie vraagt Jip bijna dagelijks om cakejes, koekjes en ander lekkernij. Hij pakt de keukenkast met bakspullen uit en vertelt wat we nodig hebben. We bakken niet dagelijks, wel vaak. Maar jullie eten toch geen granen en suiker?! hoor ik onze real-life-kennissen vragen. Hoe bak je dan? Simpel, met amandelmeel, kokosmeel, fruit, cacao, noten, boter, eieren, en soms met slagroom. Het is heerlijk en het is gezond – wat betekent dat je er veel van mag snoepen, hihi.

Ons favoriete recept is een appeltaart. Belangrijk, vind ik, is dat deze snel te bereiden is. Onderstaande ingrediënten zijn voor twee springvormen. Ik bak meestal drie kleintjes. Eén gaat meteen op, de andere twee passen boven op elkaar precies in de koektrommel.

Appeltaart
(2 stuks; bereidingstijd 30 min, oventijd 45 min)

1.5 kilo appels, geraspt (voor de snelheid de schil gewoon laten zitten)
300 g amandelmeel
100 g kokosmeel
250 g rozijnen
2 tl bakpoeder
1 tl zout
1-2 el kaneel
6 eieren
100 g (kokos)olie
evt. 150 g gemengde gehakte noten

Roer alles in een grote kom (ik gebruik een kom van 5 liter, lekker ruim) door elkaar. Verdeel het mengsel over de 2 of 3 springvormen (waar ik bakpapier in leg, invetten kan ook) en bak 45 minuten op 180 graden. Smullen!

Er staan nu 3 taartjes in de oven. Morgen komt er een foto.

Handige kast

Ons huis begint zo langzamerhand aardig vol te raken. Met puzzels, knutselspullen en ander speelgoed. Opruimen is soms een hoop werk en dat willen we zo makkelijk mogelijk maken. Een bakkensysteem, zoals de Trofast van een zekere Zweedse winkel, dat leek ons wel wat. De bakken bleken heel goedkoop, maar de houten stellage er omheen niet. Dus pakte de Technicus zijn zaagtafel en een oud pallet en ging aan de slag. Het moest binnen de poten van een Lundia kast passen, want we hebben geen vrije muur meer in huis.

Het past precies. En de kast is handig! Heerlijk opruimen zo!

Nieuwe kast

Volgens Rapley

Dankzij Rapley hebben wij, zelfs met een baby aan tafel, genoeg tijd om zelf rustig te eten. De baby (in dit geval een uit de kluiten gewassen Pluk die in mijn ogen helemaal geen baby meer is, maar officieel nog wel) eet namelijk ook zelf. Hoe dat eruit ziet? Nou, zo:

Rapley methode

De Technicus en ik discussiëren elke avond na de maaltijd wie de eer mag waarnemen om de etensresten uit alle gaatjes en plooitjes te peuteren. Jij bent aan de beurt, ik heb het gisteren al gedaan. En vervolgens: Maar gisteren aten we pannenkoeken, dat telt niet. Vanavond was de Technicus aan de beurt, en kondigde aan dat hij zijn hogedrukspuit ging halen.

Toen heb ik geheel vrijwillig de taak op me genomen. ;-)

Sensorisch spel

Buiten is het grauw en regenachtig. Er ligt nog steeds geen sneeuw om lekker in te ravotten. Wij blijven lekker binnen. En wat is er op zulke dagen leuker dan een origineel nieuw spel? Helaas ben ik niet zo goed in originele dingen verzinnen, dus jatte ik een idee van het www: spelen met gekleurde rijst!

Ik dacht slim te zijn, en nam macaroni. Dat is groter en dus makkelijker op te vegen. Dacht ik. Fout gedacht! Als je erop gaat staan, verpulvert macaroni tot stukjes vele malen kleiner dan rijst. Resultaat: méér troep. Ach, daar kunnen we wel tegen. Volgende keer beter.

Maar goed, ik maakte dus gekleurde macaroni. Ik deed 250 gram in een diepvrieszak. Daarbij deed ik 3 theelepels azijn, 4 theelepels vloeibare voedingskleurstof (ik begon met minder, maar dat werd niet mooi genoeg), en twee druppels geurende olie (om de geur van de azijn te verbloemen). Alles goed mengen in het zakje, de macaroni op een bord uitspreiden en een nacht (korter kan waarschijnlijk ook) laten drogen. En klaar. Een kind kan de was doen. Bovenstaande deed ik overigens in drievoud: 250 gram macaroni per kleur.

Sensorisch spel 1

Sensorisch spel 2

volgende dag zette ik de borden met macaroni klaar, evenals een aantal plastic potjes en meetinstrumenten. Toen maakte ik de tweede fout door Jip aan tafel te zetten. De macaroni stuiterde op de grond en lag in alle hoeken van de keuken. Even later zaten Jip en Pluk dan ook op een kleed op de grond te spelen.

Sensorisch spel 3

Sensorisch spel 4

Ze vinden het fantastisch! Jip vraagt minstens drie keer per dag om de maroki. Hij maakt allerlei constructies om de macaroni van het ene voorwerp in het andere te laten ‘stromen.’ Pluk gilt van plezier en gaat het liefst midden in de bak met macaroni zitten. En wij als ouders spelen graag mee. :-)

Sensorisch spel 5

Sensorisch spel 6Opruimen gaat makkelijk: alles bij elkaar vegen en samen met de plastic attributen in een af te sluiten bak kieperen. Zand en stof is er makkelijk uit te halen met een vergiet. Dat doen we natuurlijk niet elke keer, aangezien het spul meerdere keren per dag tevoorschijn komt.

Als het niet snel gaat sneeuwen, maak ik ook nog een portie gekleurde rijst.

Huisvlijt

Dit logje stond al heel lang in m’n drafts, omdat ik de foto’s er nog bij moest zoeken.

Toen de Technicus net afgestudeerd was en ik nog ouderschapsverlof had, hadden we tijd over. Tijd die we besteed hebben aan oogsten en de oogst verwerken. We hadden een hoop courgette en pompoen van eigen tuin. Daarnaast zijn we door de buurt gaan fietsen, op zoek naar volle appelbomen. Van voorgaande jaren wisten we dat mensen meestal enthousiast reageren als je vraagt of je wat appels mag hebben. Dan worden de appels tenminste gebruikt, antwoordt men dan.

Huisvlijt 1

We hebben tassen en fietskarren vol mee naar huis mogen nemen. Er was één boom die zó verschrikkelijk vol hing met de heerlijkste appels die je je maar voor kunt stellen, en waar die mensen totaal niet in geïnteresseerd waren, dat we niet konden stoppen met plukken. In totaal hebben we – hou je vast – ruim 150 kilo appels mee naar huis genomen. Gratis en onbespoten. We hebben zowaar alles verwerkt.

Van bijna 77 kilo appels hebben we 64 liter appelmoes gemaakt en geweckt. Veel? Vorig jaar hadden we 64 potten, waarvan we er nog 7 over hadden. Ja, het is een hoop werk. Maar die tijd krijg je terug als je razendsnel een overheerlijke geweckte maaltijd op tafel kunt toveren.

Huisvlijt 2

Van 12 kilo appels (80 stuks) hebben we 10 liter appelchips gemaakt. Nog meer appelchips volgden in de loop van oktober. Totaal: ongeveer 70 kg appels tot 60 liter appelchips gedroogd. Ik geloof dat er nu, eind december al ruim 20 liter op zijn. Daar komen we het jaar niet mee door… 

Huisvlijt 3

En tussendoor hebben we natuurlijk een hoop appels zó op gesmikkeld.

Van afgeprijsde tomaten uit de supermarkt, en courgettes van eigen tuin hebben we 6 liter tomatensoep en 6 liter courgettesoep geweckt. Eén pot tomatensoep was mislukt tijdens het wecken en moesten we daarom meteen opeten. Vervelend. ;-)

Huisvlijt 4

Van nog meer afgeprijsde tomaten hebben we 6 halve liters tomatensaus geweckt. Goedkoper en lekkerder dan gekochte tomatensaus

Huisvlijt 5

Daarnaast heb ik de vriezer weer eens volgestopt met ‘snackbrood.’ Snackbrood is geweldig. Het is een brood met pitten, rozijnen en abrikozen, dat zowel de kinderen als wij eten alsof het snoep is. Het is makkelijk te maken (niet kneden!) en ook na invriezen nog heerlijk. Ik maak meestal 4 stuks tegelijk.

Het recept voor 1 snackbrood:

  • 275 g speltmeel
  • 1 dl havervlokken
  • 125 g rozijnen
  • 125 g abrikozen in stukjes
  • 1 dl zonnebloempitten
  • 1 dl pompoenpitten
  • 2 tl bakpoeder
  • 1 tl zout
  • 4 dl yoghurt

Roer alles met een lepel door elkaar tot een  plakkerig deeg. Kieper het beslag in een ingevette cakevorm. Doe eventueel pitten bovenop, met een lepel erin gedrukt. Bak 1 uur op 175 graden. Smullen!

Ten slotte heb ik 2 nieuwe T-shirts voor Jip gemaakt. De ene, met politie-auto’s en andere voertuigen, is niet eens op de foto gekomen voordat ‘ie aan ging.

Huisvlijt 7

Huisvlijt 6

Het familiebed

Naar aanleiding van een vorig bericht kreeg ik een vraag over het samen slapen met baby’s. Ik vind het erg leuk om die vraag uitgebreid te beantwoorden, met foto’s ter illustratie.

In Zweden laten veel mensen hun baby bij hen in bed slapen. Ik weet het niet zeker, maar van wat ik om me heen hoor, kiest ongeveer de helft van de Zweden hiervoor. Ik ken zelfs geen enkele Zweed die een babykamer heeft; de meeste kinderen krijgen pas een eigen kamer als ze een jaar zijn of nog ouder.

Toen ik net zwanger was van Jip, sprak ik met een collega over zijn zoontje van een paar maanden die bij hem in bed sliep. Ik vond het maar vreemd en kon me er helemaal niets bij voorstellen. Maar hoe langer ik zwanger was, des te sterker werd mijn gevoel: dit kind, dat 9 maanden in mijn buik heeft gezeten, moet straks niet alleen in een eigen bedje liggen. Zo veel mogelijk fysiek contact, zei m’n gevoel. De Technicus was het roerend met me eens.

Toen Jip geboren was, werd hij meteen op mijn buik gelegd en is daar twee uur blijven liggen. Dat voelde voor mij als de enige juiste plek. Toen we op de kraamafdeling kwamen, werd ons gevraagd of we een wiegje wilden. We reageerden een beetje twijfelachtig, omdat we het spannend vonden om Jip bij ons in bed te leggen. Daarop vroeg de verpleegkundige of ze zou laten zien hoe dat moest. Nou, graag!

Ze haalde twee grote handdoeken. De ene vouwde ze twee keer dubbel en legde in het midden van de bedden die op de rem tegen elkaar stonden. De andere handdoek rolde ze op en legde in een U-vorm op de eerste handdoek. Jip had zo z’n eigen bedje. Mocht een van ons naar hem toe draaien, dan zouden we in onze slaap eerst de opgerolde handdoek tegenkomen. De opgerolde handdoeken zijn een DIY versie van het zogenaamde ‘snuggle nest.’ Er zijn twee dingen erg belangrijk bij deze methode. 1) Zorg dat je baby zo ver naar boven ligt, dat hij niet onder jouw dekens terecht kan komen. 2) Laat nooit een baby in jouw bed slapen als je alcohol gedronken hebt of slaappillen hebt genomen.

Familiebed 1

Thuis hebben we meteen een paar grote handdoeken uit de kast gehaald. Het beviel erg goed. Jip vond het fijn om zo dicht bij te zijn en ik hoefde m’n bed niet uit om te voeden. Toen ik een maand of twee later geleerd had om liggend te voeden, was het nog fijner. Ik gaf Jip de borst en viel vrijwel meteen weer in slaap. Belangrijk punt nummer 1 was opgelost door onder alleen een laken te slapen. Het was toch al zomer. Mocht het te koud zijn voor alleen een laken, zou je bijvoorbeeld een voedingstrui als pyjama kunnen gebruiken en de dekens tot je middel leggen.

Na een tijdje wilden de Technicus en ik weer meer ruimte in ons bed van 160 breed. Ik was ergens een zogenaamde ‘co-sleeper‘ tegengekomen. Ik liet een plaatje ervan aan de Technicus zien, die meteen begon na te denken hoe hij dat zelf kon maken naast ons hoge bed. Hij vond een oud tafelblad van 60 bij 120 centimeter (de Technicus vindt altijd van alles), precies de maten van de matras van een ledikant. Hij hing het op aan het plafond, waarbij de kleine matras  aansloot aan onze matras. Ik maakte van stevige stof een soort hut, waar de matras in lag, zodat Jip er niet uit kon vallen. En zo ontstond het ‘aanhangbed.’ Jip heeft daarin gelegen tot hij 9 maanden was. Toen kon hij zo goed en snel kruipen dat het gevaarlijk werd in ons hoge bed. Vanaf die tijd sliep hij in zijn ledikant naast ons bed, en als hij onrustig was tussen ons in.

Familiebed 2

Toen ik zwanger was van Pluk, was het vanzelfsprekend dat ze bij ons in bed zou slapen. Het aanhangbed hing al ruim van tevoren klaar. Pluk bleek zelfs nog meer behoefte te hebben aan nabijheid dan Jip. De eerste paar weken schrok ze wakker zodra ze geen fysiek contact meer met me had. Het beste sliep ze op mijn buik. Ik lag half omhoog, op twee kussens. Ik had zelfs een manier gevonden om in die houding te voeden en zo samen in slaap te vallen. Ze lag dan dwars op mijn buik, met haar hoofd op m’n arm, die ondersteund werd door een stevig kussen. Het enige waar ik last van had, was een beetje spierpijn de volgende morgen.

Na een paar weken heb ik haar steeds vaker naast me gelegd, zodat ik ook in andere houdingen kon slapen. Pluk lag eerst zo dicht mogelijk tegen me aan. Als ik een stukje opschoof, begon ze te draaien en te wiebelen tot ze weer tegen me aan lag. Als ze me niet snel genoeg kon vinden, werd ze huilend wakker. Maar ook dat ging steeds beter en sinds een maand of drie slaapt ze in het aanhangbed. Soms wordt ze wakker, kijkt even naar mij en valt weer in slaap. Soms heeft ze honger, krijgt ze de borst en vallen we samen weer in slaap.

Jip is een kind dat zijn emoties en belevenissen ‘s nachts verwerkt. Hij slaapt dan het liefst en het best dicht tegen ons aan, in plaats van in zijn ledikant naast ons bed. Maar wij slapen dan minder goed vanwege de beperkte ruimte. De Technicus en Jip hebben daarom wekenlang samen in de woonkamer op de grond geslapen. We overwogen om ons bed te verlagen, maar dan zouden we een hoop opslagruimte moeten missen. Toen besloten we een familiebed te maken. De Technicus maakte een frame van 60 bij 160 cm. We namen de matras van Jips ledikant plus een los stuk schuim van 60 bij 40 (wat nog moet komen). Extra breedte heeft hij niet nodig, lengte wel. Geheel uit afvalhout maakte de Technicus een stevige constructie naast ons hoge bed, met trappetje voor Jip.

Familiebed 3

Nu liggen we met z’n allen op een rijtje. We slapen heerlijk. Het leukste is nog wel ‘s ochtends als eerste wakker worden met de drie liefste mensen van de wereld slapend naast me. Ik ben een rijk mens!

Voedsel drogen

We hadden al een aantal keer overwogen om een voedseldroger te kopen, maar vonden het nogal duur en wisten niet zeker of we zo’n ding echt zo veel zouden gaan gebruiken. Toen Janneke ons laatst een portie overheerlijke appelchips stuurde, zijn we nog een keer gaan nadenken. We zochten online naar recepten en verbaasden ons over het scala aan mogelijkheden. “Als je eenmaal een droogmachine hebt, ga je steeds meer willen drogen” zijn we vaak tegengekomen.

Daarnaast gingen we rekenen. Groenten en fruit zijn hier in de winter namelijk peperduur. Het loont dus om aanbiedingen in de zomer te kopen, te drogen en in de winter weer te gebruiken. Daarbij hebben we nog een moestuin met geschikt droogmateriaal. Onze schatting was dat we de droogoven er binnen vier jaar uit zullen hebben.

Het is nog hartstikke gezond ook. Het schijnt dat als je producten droogt bij een temperatuur van maximaal 40 graden, alle voedingsstoffen bewaard blijven. Dit in tegenstelling tot de zakjes gedroogd fruit uit de winkel, die meestal bij veel hogere temperatuur gedroogd zijn.

Dus we kochten het apparaat. Een paar weken geleden werd het geleverd. Jip vond alle knopjes machtig interessant, vooral toen hij begreep dat je er appelchips mee kunt maken. We kochten een aantal zakken afgeprijsde groenten en fruit en probeerden uit: appels, peren, bananen, aardbeien, tomaten en courgette. Appels en tomaten zijn verrukkelijk! Bananen vind ik te zoet, maar Jip is er dol op. Handig ook om mee te nemen, in vergelijking tot een verse banaan. Van courgette hebben we chips gemaakt, met kruiden erop. We waren er snel op uitgekeken. Die doen we voortaan alleen nog naturel, om gewoon in maaltijden te gebruiken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

We willen nog veel meer uitproberen. We genieten nu al van de gezonde snacks die bijna standaard in de tas zitten.

Van onze favoriete creaties volgt hier een werkbeschrijving.

  • Appels: Klokhuizen eruit met een appelboor, niet schillen, en in plakken van 1 cm dik snijden. De ‘uiteinden’ vind ik minder geschikt om te drogen; daar kookte ik appelmoes van.
  • Bananen: In plakken snijden van 1 cm dik. De bananenchips kunnen nogal plakkerig worden als ze een tijdje uit de oven zijn geweest, dan droog ik ze nog een keer kort.
  • Tomaten: Halveren, pitjes en vocht eruit halen, met de gesneden kant naar boven leggen en kruiden. Ik gebruikte zout (niet te weinig) en pizzakruiden. Na een tijdje de tomaten plat duwen en verder drogen. Droog of in olie bewaren.